|
Door: Frank Hungenaert Gepost op: 09-07-2009 |
Specials |
Dick Seaman, an Englishman in Germany
Op 24 juli zal het precies 71 jaar geleden zijn dat Richard John Beattie-Seaman, kortweg ‘Dick’, op de Nürburgring de Grote Prijs van Duitsland won. De Grote Prijs van Duitsland was in 1938 de belangrijkste wedstrijd van het seizoen met ruim 350.000 toeschouwers: er kwam zoveel volk kijken dat de straten van Adenau te smal waren. Daarom werden er al weken van tevoren houten loopbruggen gebouwd. Voor Seaman had het de bekroning moeten zijn van een al succesvolle race-carrière. In plaats daarvan was het de start van een pure tragedie die op 26 juni 1939 definitief zou eindigen.
Racen, racen, racen …!
Seaman werd geboren op 4 februari 1913 en zijn ouders waren geen gewone mensen: zijn vader, een zeer vermogend zakenman, had op zijn vijftigste in vijf weken tijd de 28-jarige Lilian overtuigd met hem te trouwen en het grote leeftijdsverschil zou een rol blijven spelen in het leven van de jonge Seaman. Dick bleef enigst kind en was voorbestemd om later het zakenimperium van zijn vader over te nemen en mogelijk een rol te spelen in het Britse politieke leven. Daarvoor leerde hij in zijn jeugd alles wat een gentleman moest weten met veel aandacht voor goede tafelmanieren en sport. Hij bezocht de beste scholen en trok op zijn achttiende naar Trinity College in Cambridge. Maar op het grote landgoed van zijn ouders had Dick maar één obsessie: racen, racen en nog eens racen. Op zijn vijftiende tekende hij al de ‘Seaman Special’ en naar Cambridge gaan vond hij vooral interessant, omdat hij daarvoor een prachtige (en snelle) MG Magnette kreeg. En in Cambridge werd de microbe nog erger: Dick begon voorzichtig te racen en in 1932, op zijn negentiende, nam hij deel aan de Alpine-Rally door Frankrijk, Engeland en Zwitserland. Tussendoor haalde hij ook zijn vliegbrevet en kocht hij zijn eigen vliegtuig.
Geld?
Zelfs naar de normen van 2009 was het leven van Dick zeer bijzonder: in november 1934 (hij was toen 21 jaar oud) liet hij de MG inschepen naar Zuid-Afrika om er deel te nemen aan een wedstrijd in East-London. Zelf vertrok hij begin december met zijn vliegtuig: op de tafel had hij een briefje voor zijn ouders nagelaten met het bericht dat hij er wellicht niet zou zijn met Kerstmis … Seaman eindigde de race als vijfde en was pas op 13 januari terug. In 1935 kocht hij een ERA en in 1936 de Delage van Lord Howe. Seaman racete ook al niet meer als een amateur: zelf reed hij naar de races in een Ford V8, terwijl zijn racewagen door zijn team in een Dodge-vrachtwagen gebracht werd. In 1935 en 1936 racete Dick veel en overal in Europa. De Britse pers was dol op hem en stelde hem voor als een jonge student die ’s avonds met zijn oude monteur zat te sleutelen aan zijn racewagen om dan op het vasteland de beste teams te verslaan. Leuk verhaal, maar de werkelijkheid was anders: de garage van de Seaman équipe was gevestigd in het sjieke Kensington in London, zijn oude monteur was de topingenieur Giulio Ramponi en van studeren, tja, daar kwam eigenlijk niets meer van in huis. Vraagje: waar haalde Seaman al dat geld? Zijn vader had vlug door dat Seaman werkelijk alles over had voor de autosport en had daarom de erfenis geblokkeerd tot zijn 27ste, in de vage hoop dat Dick dan zijn wilde haren zou kwijt zijn. Dick verdiende uiteraard geld met het racen maar net als nu volstond dat lang niet om zijn kosten te dekken. Maar Seaman had een moeder die hem niets kon weigeren en geld bleef toestoppen en op zich was dat best te begrijpen: in 1935 was vader Seaman een oude, zieke, zelfs wat verwarde man terwijl mevrouw Seaman amper vijftig was. In dit merkwaardige gezin ontspon zich dan ook een nauwe band tussen moeder en zoon. En ook dat zou rare gevolgen hebben.
Fahrer für Mercedes-Benz!
Dick boekte hoe langer hoe meer successen in een racecategorie die het best met de GP2 vergeleken kan worden: hij won in Donington, op het eiland Man, in het Italiaanse Pescara en het Zwitserse Bremgarten. Daarnaast werd hij in 1934 vierde in de 24 uren van Spa met een Lagonda. Dus wou Dick hogerop: de Formule 1 bestond toen nog niet maar er was wel een top-raceklasse met de beste racers van die tijd. Seaman wou Grand Prix’s gaan rijden maar had een enorm probleem: de Grand Prix-wereld werd in de jaren dertig volledig gedomineerd door Mercedes-Benz en Auto-Union (het latere Audi). Wilde hij echt doorbreken in de Grand Prix’s, moest hij of een Mercedes of een Audi hebben. Dus probeerde hij er één te kopen: Auto-Union weigerde, Mercedes nodigde hem uit om wat te testen. En zo belandde Dick in de boeiende wereld van het Mercedes Grand Prix-team met Alfred Neubauer, de dikke teamchef die als eerste op het idee kwam met zijn rijders te communiceren door middel van borden. Met Rudolf (Rudi) Caracciola, de Duitse ster, Manfred von Brauchitsch, de Pruisische aristocraat. Met Hermann Lang, de eenvoudige monteur die het tot Grand Prix-coureur gebracht had. Met Rudolf Uhlenhaut, de jonge, maar briljante ingenieur. De testritten waren duidelijk en Neubauer schreef in zijn dagboek: ‘Wat mij betreft, rijdt Seaman in 1937 voor Mercedes: hij mag dan wel geen Duitser zijn, snel is hij wel.’ Maar een Engelsman bij een Duits team, in de jaren dertig aan de vooravond van de tweede wereldoorlog? Uiteindelijk moest niemand minder dan Hitler zelf zijn toestemming geven en dat duurde ruim drie maanden: het was propagandachef Goebbels die de Führer overtuigde dat zelfs de Engelsen de Duitse techniek de beste vonden. In Engeland reageerde men zeer lauw op het Mercedes-contract van Seaman: Duitsland was al een beetje een vijand aan het worden en het leek wel of Seaman een soort collaborateur was. In ieder geval zweeg de pers, die nog maar een paar jaar eerder dol op hem was, Seaman nu dood. Het werd er niet beter op toen Seaman Duits leerde en in een landhuis aan de Starnberger See in Ambach ging wonen …
 Snel maar gevaarlijk
In afwachting van zijn contract met Mercedes trok Dick in januari 1937 nog maar eens naar Zuid-Afrika: het werd met een opgave in de Grote Prijs van Zuid-Afrika, geen succes. Maar ook zijn seizoen bij Mercedes was niet meteen de grote doorbraak: hij reed negen races met de W 125. Zijn beste plaats was een vierde plaats in de Vanderbilt Cup in New York. Bovendien raakte hij in de Grote Prijs van Duitsland in een akelig ongeval betrokken met de Auto-Union van de Duitser Ernst von Delius. Von Delius overleefde de klap niet en ook Seaman deelde in de brokken: hij werd uit de Mercedes geslingerd en schuurde letterlijk over de baan. Hij brak zijn pols, een arm en had zware wonden in zijn gezicht: zo was een stuk van zijn neus gewoon afgeschuurd. Er kwam plastische chirurgie bij kijken, maar voor de rest bleef Dick wie hij was: het ongeval had hem in ieder geval geen schrik aangejaagd. Toch waren de Mercedes-bolides, met hun compressormotor, gevaarlijke monsters. In 1997 reed John Surtees met een exemplaar op Zolder: hij stopte voor de tribunes en duwde het gaspedaal diep in. Wij waren erbij, voelden het beton van de tribunes onder onze voeten trillen, zagen de vlammen uit de uitlaten spuwen en hoorden het hoge, schrille geloei van de compressor. Toen Surtees de koppeling losliet, vloog de 60-jarige Zilveren Pijl vooruit en Surtees had de grootste moeite van de wereld om het ding in bedwang te houden. Een paar weken later reed David Coulthard met dezelfde wagen op Hockenheim. Toen hij stopte, sprak zijn gezicht boekdelen: ‘De power is zo brutaal, de besturing zo zwaar, er zijn amper remmen en de bolide is absoluut niet baanvast.’ En met zoiets raasde Seaman over Europa’s circuits: geen race-overal maar een linnen racepak, geen helm maar een linnen mutsje, geen vangrails, zo tussen de bomen door… Neubauer besefte dat Dick te jong en uiteindelijk te onervaren was om goed met dergelijke monsters te racen. In 1937 had Seaman in twee weken tijd drie zware crashes gehad en dus besloot Neubauer hem in 1938 een tijdje aan de kant te laten.
Zege op de Nürburgring
Seaman doodde de tijd met skiën in Garmisch. Toen het weer beter werd, kocht hij een snelle Chris-Craft boot en begon, wellicht als eerste in Duitsland, te waterskiën op de Starnberger See. Pas in juni kwam hij terug aan de bak: hij reed de proefritten van de Grote Prijs van Frankrijk in Reims, maar moest van Neubauer de Grand Prix vanuit de pits meemaken. Uiteindelijk kreeg hij wel groen licht voor de meest prestigieuze race van het jaar: de Grote Prijs van Duitsland op de Nürburgring! Het was een zeer warme dag en een zeer vermoeiende wedstrijd. Seaman kwam goed weg bij de start en reed in tweede stelling achter teamgenoot von Brauchitsch. Bij een pitstop beklaagde de Duitser zich bij Neubauer dat Seaman te dicht achter hem aan zat en dus maande Neubauer de Brit aan in alle omstandigheden achter von Brauchitsch te blijven. Seaman nam dat erg letterlijk: bij de volgende pitstop vloog de Mercedes van von Brauchitsch in brand. Maar Seaman bleef rustig wachten: toen Neubauer hem vroeg waarop hij dan toch wachtte om weg te rijden, zei Seaman: ‘Maar meneer Neubauer, ik moest in alle omstandigheden achter hem aan blijven.’ Uiteraard vertrok Seaman toch en hij won de race! En eigenlijk begonnen zijn problemen op het podium: hij had met een Duitse wagen, in een Duits team, gewonnen in Duitsland. Hij kreeg een laurierkrans met het swastika-teken en moest de Hitlergroet brengen. Seaman maakte in plaats daarvan een flauw gebaar en dat was het begin van veel ellende: de Engelsen beschouwden dit als een Hitlergroet, de Duitsers zagen daar geen Hitlergroet in en zo viel Seaman tussen twee stoelen. Daags na zijn zege was er welgeteld één Britse krant die daar in vier lijntjes aandacht aan besteedde. De Duitse kranten hadden het uitvoerig over de zege van de Duitse techniek, maar repten met geen woord over Seaman …
In de netten van de liefde …
Niet dat Seaman daar meteen wakker van lag: na de ceremonie op het podium, was hij in gezelschap iets gaan eten in het Sporthotel op de Ring. Hij zat aan tafel naast Erika Popp, de 18-jarige dochter van BMW-baas Frans-Josef Popp en werd, voor de eerste keer in zijn leven, verliefd … In augustus nodigde hij Erika met vrienden uit in zijn chalet. Ook ma Seaman was uitgenodigd. Ze kwam en zag meteen dat ‘haar’ Dick veranderd was en dat er een vrouw in het spel was. De reactie van moeder Seaman was zo eigenaardig dat Dick Erika vroeg wat afstand te houden en zijn moeder niets durfde te vertellen over hun romance. Ma Seaman vertrok vroeger dan verwacht terug naar Engeland en Dick had een probleem… In september werd Seaman met het hele Mercedes-team in Engeland verwacht voor de Donington Grand Prix. Maar de politieke situatie was intussen zo troebel geworden dat de race uitgesteld moest worden. Ook privé liep het helemaal mis voor Seaman: hij had Erika naar Engeland meegenomen en aan zijn moeder voorgesteld. En dat liep helemaal fout: ma Seaman was zo verknocht aan haar zoon dat ze niets van een huwelijk met de Duitse wilde horen. Intussen mocht premier Chamberlain met het bekende ‘Peace in our time’ voor wat vrede op het politieke front gezorgd hebben, ma Seaman bleef koppig. Het kwam dan ook tot een breuk tussen moeder en zoon: op 7 december 1938 trouwde Dick met Erika in Caxton Hall en meteen daarna gingen ze skiën in Davos. Het paar leek gelukkig en was het ook, al was het duidelijk dat de breuk met zijn moeder hard aangekomen was bij Richard Seaman. En het was niet het einde van zijn zorgen…
13, 26, 39 …
Ook in 1939 kwam Seaman niet meteen aan de bak. Dit keer niet omdat hij te jong of te onbesuisd was. Het politieke klimaat was aan de vooravond van de tweede wereldoorlog zo dreigend geworden dat Neubauer zich in feite niet meer kon permitteren om de Engelsman Seaman nog in een Duitse auto te laten racen. Het werd niet met zoveel woorden gezegd en Dick begon zich te vervelen in zijn chalet: hij kon niet blijven skiën en waterskiën, hij wilde racen … Uiteindelijk zocht hij Neubauer in mei op: het werd een moeilijk gesprek maar toch kreeg Seaman enkele dagen later het bericht dat hij in Pau verwacht werd voor de proefritten van de Grand Prix. Seaman hunkerde naar het racen en ondanks het feit dat hij meer dan een half jaar simpelweg niet gereden had, reed hij zeer vlug de snelste tijd. Het mocht niet baten: ook in Pau mocht hij niet starten. Seaman werd er stilaan hoorndol van. Dat hij wél mocht racen in de Grote Prijs van België op Spa-Francorchamps, kwam dan ook als een bevrijding. Toch voelde Dick dat zijn dagen bij Mercedes geteld waren. Tegen zijn goede vriend George Monkhouse vertelde hij dat hij voelde dat hij niet lang meer bij Mercedes kon blijven: ‘De relaties tussen Engeland en Duitsland zijn zo slecht geworden dat ik niet lang meer in Duitsland kan blijven. Ik zou graag in schoonheid eindigen, de Grote Prijs van België winnen en voorgoed terugkeren naar Engeland.’ Seaman arriveerde op donderdag 22 juni in Spa en nam met Erika zijn intrek in het Palace Hotel. Francorchamps was snel en gevaarlijk maar Seaman wou en zou winnen. Het was de hele week al droog en vreselijk warm: Dick ging met Erika een dagje shoppen in Brussel en reed de proefritten. Maar in de nacht van zaterdag op zondag was het weer omgeslagen: op zondagochtend was het mistig en regende het. Het regende nog bij de start van de Grand Prix. Spa was nu nog een stukje gevaarlijker dan het al was. Maar Seaman rook zijn kans: al in de derde ronde schoof hij naar de eerste plaats en bleef zeer autoritair aan de leiding rijden. Teamgenoot Lang volgde in tweede positie: ‘Ik begreep Dick niet,’ zei deze achteraf, ‘ik was helemaal niet van plan om hem in te halen. Ik wou het niet maar ik kon het ook niet. Dick was gewoon veel te snel. Maar ik zag wel dat hij te veel risico’s nam. Keer op keer gaf hij bij het uitkomen van een bocht, te vroeg en te veel gas waardoor de wagen heftig ging driften en bijna langs de bomen schuurde.’ Een ander probleem was dat de Mercedes op alcohol reed en veel brandstof verbruikte: ‘Daardoor had ik tanks van 400 liter in de auto’s moeten leggen, aldus ingenieur Uhlenhaut, ‘één grote achter de piloot en één op zijn knieën. Die twee tanks werden verbonden door een leiding langs de cockpit.’ Belangrijke details… In ronde zeventien liet Seaman bijtanken en hoewel Neubauer hem vroeg het kalmer aan te doen, bleef hij onwezenlijk hard racen, ook al begon het nog harder te regenen. ‘Net voor de bocht bij La Source, schoot de Mercedes aan zo’n slordige 200 km/u de bomen in, stond in het raceverslag… In feite was Seaman weer zo hard uit Club Corner gekomen dat hij aan het spinnen was gegaan, een boom had geraakt, weer was gespind en weer tegen een boom was geslagen. De Mercedes lag zowat rond de boom geplooid en Dick, die met zijn hoofd tegen de boom was geslagen, was bewusteloos. Maar méér was er niet echt aan de hand. Er kwam ook meteen hulp opdagen maar die kregen Dick niet uit de Mercedes. Intussen stroomde de benzine uit de leiding langs de cockpit en wat gebeuren moest, gebeurde: de Mercedes stond ineens in lichter laaie. De helpers moesten wijken en kregen Dick niet meer uit het wrak. Toen het wél lukte, was Dick zwaar verbrand maar hij leefde nog. Hij leefde ook nog toen hij in het Croix Rouge-ziekenhuis in Luik aankwam maar de artsen konden hem alleen wat inzwachtelen en vol morfine duwen. Iets na middernacht, in de vroege ochtend van maandag 26 juni, overleed Dick Seaman. Meteen na zijn dood werd er gespeculeerd over de raadselachtige rol van het cijfer 13 of een veelvoud ervan, in het leven van Seaman: hij was geboren in 1913, was 26 (2 x 13) jaar oud toen hij stierf op 26 (2 x 13) juni in 1939 (3 x 13). Zijn Mercedes had startnummer 26 (2 x 13) en de radiatorrooster bestond uit 13 staven. Hij overleed in kamer 13 van het Croix Rouge-ziekenhuis…  Epiloog
Er bleven wel meer raadsels hangen rond Seaman, ook na zijn begrafenis in London op vrijdag 30 juni. Moeder Seaman weigerde ook na de dood van haar zoon, vrede te sluiten met schoondochter Erika. Met de jaren verslommerde ze op hun grote landgoed. Mensen die haar zagen, vonden dat ze er onverzorgd en armoedig bijliep. Lilian Seaman stierf op 2 april 1948, maar het duurde tot 9 april voor iemand haar lijk vond. Bij haar dood liet ze een vermogen na van, omgerekend naar vandaag, een slordige 15 miljoen euro. Erika bleef na de dood van Dick een tijdje in Engeland rondhangen en keerde daarna terug naar Duitsland. Daar kon zij het helemaal niet vinden met de nazi’s en in 1940 trok ze naar Amerika. Ze trouwde er om even vlug weer te scheiden. Over de identiteit van die echtgenoot is ze altijd vaag gebleven. In 1953 kwam ze terug naar Duitsland, trouwde er opnieuw en bleef in Stuttgart wonen. Ze kreeg een zoon, Stefan, die op 16-jarige leeftijd aan kanker stierf. In 1972 reisde ze met haar echtgenoot naar Florida en het beviel er hen zo goed dat ze er bleven wonen. Erika bleef in Amerika, ook al stierf haar man in 1976. In 1988 wilde ze een live-uitzending van een tenniswedstrijd op TV bekijken maar er was iets mis met de verbinding en dus toonde de zender andere beelden. Erika dommelde in. Intussen was de zender overgeschakeld op beelden van het Grand Prix-racen in de jaren ’30. Toen Erika wakker werd zag ze plots Dick in race-overall op het grote TV-scherm. Ze kreeg prompt een hartaanval waaraan ze uiteindelijk ook overleed, zij het een jaar later. En zo kwam de Seaman-sage tot een einde. Hoewel, niemand heeft Dick zien sterven. Niemand heeft ooit geweten waarom de lijkkist zo klein was dat Caracciola opmerkte dat de 1,90 meter lange Seaman er nooit kon in passen. Niemand heeft ooit geweten wie het loon van Mercedes dat Dick op een Duitse bank had geplaatst, heeft afgehaald… Niemand heeft ooit geweten met wie Erika in Amerika getrouwd is… Daarom bestaat een theorie dat Seaman wel zwaargewond raakte in Francorchamps, maar het ongeval niettemin overleefde. Door de politieke situatie besloot hij om de verdwijntruuk toe te passen en een andere identiteit aan te nemen. Er wordt zelfs verteld dat hij in opdracht van het nazi-regime als spion naar Amerika getrokken is… En dat Erika hem nagereisd is… En dat hij de man is met wie ze daar getrouwd is… Er wordt ook verteld dat hij uiteindelijk in 1952 in een auto-ongeval in California om het leven is gekomen… Maar ja, er wordt ook verteld dat Elvis Presley nog leeft. En dadelijk wordt ook verteld dat Michael Jackson niet dood is… Hoewel, wie weet?
|
|