|
Door: Michaël Oosterlinck Gepost op: 24-05-2011 |
Diversen |
ERC: Knap weekend voor Michaël De Keersmaecker
Na het moeilijk openingsweekend van het EK Rallycross in Lydden Hill liet Michaël De Keersmaecker Portugal aan zich voorbij gaan. Enerzijds omdat het ten huize JDK bijzonder druk is op professioneel vlak en anderzijds omdat Michaël zich optimaal wou voorbereiden op de Franse manche. Om in het ritme te blijven ging De Keersmaecker dan nog maar eens op pad met de Volvo van Baelus in Valkenswaard. Daar lukte Michaël een zesde plaats in de A-finale, maar moest op de startgrid verstek geven door een defecte motor.
De problemen in Lydden Hill zijn gekend. De combinatie van de doorgedreven technische evoluties die de Focus WRC deze winter heeft ondergaan, in combinatie met te weinig training door een drukke beroepskalender, deed Michaël de das om. Door twee jumpstarts en een probleem met de oliepomp moest de Ford vroeger dan verwacht op de trailer.
“Ondanks de ontgoocheling was Lydden Hill achteraf gezien wel een goede training”, aldus de JDK-rijder. Met de nieuwe koppelmotor en dito versnellingsbak met andere verhouding trok Michaël richting het Franse Essay voor de derde manche van het seizoen 2011.
“Frankrijk is altijd iets speciaals. De rijders uit het Frans kampioenschap, dat zowat het sterkste veld is van alle nationale kampioenschappen, komen zich mengen en ze hebben ook het thuisvoordeel. Niet minder dan 48 wagens bij de Supercars, waarvan méér dan 20 potentiële A-finalisten passeerden de inschrijvingstafel. Mijn kennis van het circuit is goed omdat ik ginds destijds twee Europese manches won in Divisie 1A. Maar ik reed er nog nooit met de Focus. Na een goede training, die ik aanwendde om me aan te passen aan het grote koppel en de andere verhoudingen, lukte ik een 10de chrono tijdens de eerste kwalificatieheat. Daar was ik best tevreden mee gezien de zware concurrentie”.
De tweede heat was een finale waard waarin Michaël het ondermeer moest opnemen tegen de regerende kampioen, de Noor Isachsen en diens landgenoot Hunsbedt. In het startgewoel (zie foto) kwam De Fordrijder er toch relatief goed uit en pakte de leiding. Maar even later werd hij geconfronteerd met een haperende versnellingsbak en eindigde in de berm. Tijdens de derde heat en met een andere schakelbak reed De Keersmaecker de pannen van het dak en scoorde na een heatoverwinning een mooie 6de chrono.
De cumul van de 10de en 6de chrono was goed voor de pole in de C-finale met ondermeer Isachsen en Walfridsson. Opnieuw lukte de man uit Londerzeel een kopstart en gaf de leiding niet meer uit handen. Hij won en mocht naar de laatste startplaats van de B-finale. Daarin moest hij het ondermeer opnemen tegen vedetten als Eriksson, Heikkinen en Hunsbedt.
“Ik kwam als vijfde uit de startblokken en kon opklimmen in het klassement. Tot een Fransman voor mij een wiel verloor en ik hard in de remmen moest. Tegen het eind van de B-finale kon ik opnieuw aanpikken met leider Tollemer. Deze ging jokeren in de voorlaatste ronde en zodoende kwam ik aan de leiding, terwijl ik pas in de laatste ronde de jokerlap indook. Zij aan zij stormden we nadien naar de meet, maar hij had een betere rijlijn en ik verloor een plaats in de A-finale met een halve wagenlengte.
Desondanks was ik na afloop zeer tevreden. Als klein Belgisch team maakten we een vuist tegen de meer professionele piloten. Mijn dank gaat dan ook grotendeels uit naar het team van RSTT dat me terug een goede wagen onder de bips schoof. Ook de beslissing om over te schakelen naar een koppelmotor en de andere verhoudingen in de versnellingsbak heeft me geen windeieren opgeleverd. Echt harder gaat het nog nauwelijks. Alle topwagens zijn tijdens de winter opnieuw zoveel geëvolueerd en sneller geworden. Dit vertaalt zich in het feit dat enkele toprijders soms twee of drie motoren per weekend in de poeier draaien. Men moet ingrijpen, want anders wordt rallycross op dit niveau onbetaalbaar en kunnen de mindere goden geen vuist meer maken tegen de absolute toppers”.
Ondanks het feit dat Michaël De Keersmaecker geen volledig Europees programma afwerkt, zullen we hem toch regelmatig aan het werk zien.
“Van de 10 manches staan er zes vast op mijn kalender. Portugal, Polen en Oostenrijk rijden we niet. En indien ik een chauffeur vind die Noorwegen en Zweden kan combineren, dan zal ik ook Noorwegen eraan toevoegen, wat het totaal dus op zeven brengt”, besluit De Keersmaecker. Bron: Persbericht Foto's: "
|
|